×

Positienota

Financiering van de Sociale Zekerheid

Corona Coalitie

19 november 2020

De crisis heeft blootgelegd hoe belangrijk de verschillende sectoren en uitkeringen van de sociale zekerheid zijn als “schokdemper” om een deel van de koopkracht van de werkenden te kunnen behouden en om de gezondheidszorg van patiënten te verzekeren, of ze nu besmet zijn met COVID19 of niet. Maar de gezondheidscrisis is een economische en sociale crisis geworden die de sociale zekerheid, die al verzwakt was door een besparingsbeleid, nog meer ondergraaft. Op die manier zou het deficit van de sociale zekerheid in 2024 oplopen tot 11,3 miljard euro en daarbij komt nog een tekort van 1,6 miljard euro in de gezondheidszorg!

Vandaag bestaat de uitdaging er ook in het applaus van acht uur, als collectieve emotionele steunbetuiging, om te zetten in institutioneel verankerde intermenselijke solidariteit door een structurele en aanzienlijke herfinanciering van de sociale zekerheid. Een (her)financiering die enerzijds zo veel mogelijk middelen moet mobiliseren, terwijl ze anderzijds niet mag opgevat worden als een eenmalige injectie tijdens een crisismoment, maar juist op lange termijn moet ingepast worden om de ontvangsten en bijdragen (opnieuw) in evenwicht te brengen. Een herfinanciering die niet alleen structureel het tekort aanvult, maar de sociale zekerheid ook de middelen geeft om tegemoet te komen aan de nieuwe noden op sociaal vlak en wat gezondheid betreft.

We bevinden ons vandaag op een momentum om een groot aantal actoren (de burger, de werkgever, de politicus) hun denkkader te laten bijsturen en de financiering van de sociale zekerheid, en de sociale bijdragen zowel van de werknemer als van de werkgever, niet langer te zien als een belasting, maar als een investering. Een investering die de klemtoon legt op het algemeen welzijn en kiest voor een model van een meer rechtvaardige en duurzame ontwikkeling.

Drie hefbomen

De wet op de financiering van de sociale zekerheid moet dringend herzien worden om de basisdotatie op te trekken en te koppelen aan het verouderen van de bevolking, de evenwichtsdotatie moet structureel en onvoorwaardelijk worden gemaakt (cf. het opheffen van responsabiliseringsfactoren) zodat de sociale doelstellingen efficiënt bereikt kunnen worden, en er moet gezorgd worden voor een alternatieve financiering die integraal het verlies aan ontvangen bijdragen moet compenseren dat ontstaan is als gevolg van bepaalde fiscale niches, belastingverschuivingen... Verder moet de financiering van de sociale zekerheid gebruik maken van drie hefbomen:

  1. 1. Opnieuw een progressieve verhoging van de brutolonen durven doorvoeren:
    • België heeft zijn loonhandicap ten opzichte van de buurlanden weggewerkt. Bovendien blijft het aandeel van de loonkost steeds maar slinken. Voortaan heeft België een concurrentievoordeel wat de loonkost betreft, en een hogere productiviteit dan zijn buurlanden. In tegenstelling tot de gangbare opvatting is het concurrentieprobleem vandaag dus niet noodzakelijk gekoppeld aan de loonkost.
    • De wet van 1996 over de loonnorm herzien, om een correcte en billijke vergelijking van de loonkost met de buurlanden te kunnen maken, en de sociale partners laten onderhandelen over het verhogen van de brutolonen. Zonder aan de bijdragen zelf te raken, wordt op die manier het aandeel van de bijdragen binnen de totale financiering groter.
    • De bezoldigingen buiten het salaris (extralegale voordelen en cafetariaplan blijven stijgen terwijl het brutoloon stagneert) wettelijk regulariseren om ze te kunnen inperken en zo een eind te maken aan de belastingvrijstellingen zodat er voldoende belastingen naar de financiering van de sociale zekerheid gaan.
  2. De werkgelegenheidsgraad en de kwaliteitsvolle werkgelegenheid verhogen om de inkomsten uit sociale bijdragen te verhogen:
    • De strijd aanbinden tegen bedreigde banen, tegen het inzetten van schijnzelfstandigen en tegen atypische jobs (platformeconomie) om ook die arbeidskrachten te laten genieten van de sociale zekerheid en hen eraan te laten bijdragen.
    • Alle (lineaire) verminderingen en vrijstellingen van sociale bijdragen (zoals de extralegale voordelen en het cafetariaplan…) opschorten.
  3. De financieringsbronnen van de sociale zekerheid uitbreiden zodat het niet alleen de werknemers zijn die eraan bijdragen, maar dat alle mogelijke inkomsten erin vervat zitten:
    • Fiscaal rechtvaardige maatregelen invoeren (cf Nota over fiscale rechtvaardigheid), waaronder een progressieve belasting op inkomsten uit vermogen, een belasting op financiële transacties en een specifieke heffing op de activiteiten van digitale bedrijven.
    • Een algemene sociale “crisisbijdrage” invoeren (met een zo ruim mogelijke heffingsgrondslag zodat de belasting zo laag mogelijk kan blijven, via een vrijgesteld bedrag) die toegewezen wordt volgens de noden van de sociale zekerheid.